Yamaka Sutta

Aan Yamaka

Vertaler Pali: Thanissaro Bhikkhu
Vertaler Engels: Django Vaal
Bron: http://www.accesstoinsight.org/tipitaka/sn/sn22/sn22.085.than.html



Aldus heb ik gehoord.

Op een keer was de eerwaarde Sariputta aan het verblijven in Savatthi bij het bos van Jeta in het Anathapindika koninkrijk. Op hetzelfde moment kwam er bij de eerwaarde Yamaka deze slechte mening op: "zoals ik de Leer van de Boeddha begrijp is een monnik zonder mentale vergiften, bij het opbreken van het lichaam, vernietigd, verdwenen en bestaat niet meer na de dood." Een grote groep aan monniken kwam dit te oor door dat men zei dat de eerwaarde Yamaka de volgende slechte mening had gevormd: "Zoals ik de Leer van de Boeddha begrijp is een monnik zonder mentale vergiften, bij het opbreken van het lichaam, is hij vernietigd, verdwenen en bestaat hij niet langer na de dood." Zodoende gingen zij daarom naar de eerwaarde Yamaka waar ze bij aankomst hartelijke en beleefde begroetingen uitdeelden. Na deze uitwisseling van vriendelijke groeten en gebruiken, gingen zij aan een kant zitten. Zo als zij daar zaten zeiden zij tegen de eerwaarde Yamaka: "Is het waar, vriend Yamaka, dat deze slechte mening bij jou gerezen is:"Zoals ik de Leer van de Boeddha begrijp is een monnik zonder mentale vergiften, bij het opbreken van het lichaam, is hij vernietigd, verdwenen en bestaat hij niet langer na de dood."?"

"Ja, vrienden. Zoals ik de Leer van de Vereerde begrijp, is een monnik zonder vergiften, bij het opbreken van het lichaam, vernietigd, verdwenen en bestaat niet langer na de dood."

"Zeg dat niet, vriend Yamaka. Representeer de Vereerde niet verkeerd. Het is niet goed om de Vereerde verkeerd te representeren, want de Vereerde zegt niet: "Een monnik zonder vergiften, bij het afbreken van het lichaam, is vernietigd, verdwenen en bestaat niet meer na de dood.""

Maar zelfs nadat hij zo was berispt door die monniken, bleef hij die slechte mening door koppigheid en hechting vasthouden dat: "Zoals ik de Leer van de Vereerde begrijp, is een monnik zonder vergiften, bij het opbreken van het lichaam, vernietigd, verdwenen en bestaat niet meer na de dood. "

Wanneer die monniken eerwaarde Yamaka niet konden los wrikken van zijn slechte mening, stonden zij op en gingen naar de eerwaarde Sariputta. Op aankomst zeiden zij tegen hem: "Vriend Sariputta, deze slechte mening is opgekomen bij eerwaarde Yamaka: "Zoals ik de leer van de Vereerde begrijp, is een monnik zonder vergiften bij het opbreken van het lichaam, vernietigd, verdwenen en bestaat hij niet meer na de dood." Het zou goed zijn als jij naar de eerwaarde Yamaka zou gaan uit sympathie voor zijn welzijn."

Eerwaarde Sariputta bevestigde dit met zijn stilte.



In de avond verliet eerwaarde Sariputta zijn verblijf en vertrok naar eerwaarde Yamaka. Daar aangekomen groette hij de eerwaarde hartelijk. Na een uitwisseling van vriendelijke groeten en gebruiken, zat hij aan een kant. Terwijl hij daar zo zat zei hij tegen de eerwaarde Yamaka: "Is het waar, vriend Yamaka, dat deze slechte mening bij jou gerezen is: "Zoals ik de Leer van de Boeddha begrijp is een monnik zonder mentale vergiften, bij het opbreken van het lichaam, is hij vernietigd, verdwenen en bestaat hij niet langer na de dood."?"

"Ja, mijn vriend Sariputta. Zoals ik de Leer van de Vereerde begrijp, is een monnik zonder vergiften, bij het opbreken van het lichaam, vernietigd, verdwenen en bestaat niet langer na de dood."

"Wat denk jij, mijn vriend Yamaka: is vorm constant of veranderlijk?"

"Veranderlijk, mijn vriend."

"En is dat wat is veranderlijk aangenaam of leedvol?"

"Leedvol, mijn vriend."

"En is het juist om te zeggen van datgene wat veranderlijk, leedvol en object van verandering is: "Dit ben ik. Dit is mijn zelf. Dit is wat ik ben? ""

"Nee, mijn vriend!"



"Zijn gevoelens constant of veranderlijk?"

"Veranderlijk, mijn vriend."

"En is dat wat is veranderlijk aangenaam of leedvol?"

"Leedvol, mijn vriend."

"En is het juist om te zeggen van datgene wat veranderlijk, leedvol en object van verandering is: "Dit ben ik. Dit is mijn zelf. Dit is wat ik ben? ""

"Nee, mijn vriend!"



"Is perceptie constant of veranderlijk?"

"Veranderlijk, mijn vriend."

"En is dat wat is veranderlijk aangenaam of leedvol?"

"Leedvol, mijn vriend."

"En is het juist om te zeggen van datgene wat veranderlijk, leedvol en object van verandering is: "Dit ben ik. Dit is mijn zelf. Dit is wat ik ben? ""

"Nee, mijn vriend!"



"Zijn kammische formaties constant of veranderlijk?"

"Veranderlijk, mijn vriend."

"En is dat wat is veranderlijk aangenaam of leedvol?"

"Leedvol, mijn vriend."

"En is het juist om te zeggen van datgene wat veranderlijk, leedvol en object van verandering is: "Dit ben ik. Dit is mijn zelf. Dit is wat ik ben? ""

"Nee, mijn vriend!"



"Is bewustzijn constant of veranderlijk?"

"Veranderlijk, mijn vriend."

"En is dat wat is veranderlijk aangenaam of leedvol?"

"Leedvol, mijn vriend."

"En is het juist om te zeggen van datgene wat veranderlijk, leedvol en object van verandering is: "Dit ben ik. Dit is mijn zelf. Dit is wat ik ben? ""

"Nee, mijn vriend!"



"Wat denk jij vriend: zie jij vorm als de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij gevoelens als de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij perceptie als de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij kammische formaties als de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij bewustzijn als de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"



"Wat denk jij vriend: zie jij vorm als in de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij gevoelens als in de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij perceptie als in de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij kammische formaties als in de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij bewustzijn als in de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"



"Wat denk jij vriend: zie jij vorm als buiten de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij gevoelens als buiten de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij perceptie als buiten de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij kammische formaties als buiten de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"

"Zie jij bewustzijn als buiten de Tathagata?"

"Nee, mijn vriend"



"Wat denk jij, vriend: zie je de Tathagata als de verzameling van vorm-gevoelens-perceptie-kammische formaties-bewustzijn?"

"Nee, mijn vriend"

"Wat denk jij, vriend: zie jij de Tathagata als zonder vorm, zonder gevoelens, zonder perceptie, zonder kammische formaties, zonder bewustzijn?"

"Nee, mijn vriend"



"Zo, mijn vriend. Je kan niet eens de Tathagata vast leggen als een waarheid of realiteit in het huidige leven - is het dan juist van jou om dit te zeggen: "Zoals ik de Dhamma van de Vereerde begrijp, is een monnik zonder vergiften, bij het opbreken van het lichaam, vernietigd, verdwenen en bestaat niet meer na de dood?""

"Vroeger, mijn vriend Sariputta, hield ik dwaas vast aan deze slechte mening. Maar nu, na jouw verklaring van de Dhamma gehoord te hebben, ben ik verlaten door deze slechte mening en ben doorgebroken in de Dhamma!"

"Dan mijn vriend Yamaka, wat zou je antwoorden wanneer men vraagt: "Een monnik, een waardige, zonder vergiften, waar is hij na het opbreken van het lichaam, na de dood?""

"Zo gevraagd zou ik zo antwoorden: "Vorm is veranderlijk, gevoelens zijn veranderlijk, perceptie is veranderlijk, kammische formaties zijn veranderlijk en bewustzijn is veranderlijk. Dat wat veranderlijk is, is leedvol. Dat wat leedvol is, is vergaan en tot een eind gekomen."

Zeer goed, mijn vriend Yamaka, zeer goed. Nu zal ik je een vergelijking geven die je begrip nog veel verder zal brengen.



Stel je voor dat er een huishouder of een huishouderszoon is met veel rijkdom en veel bezittingen, en die goed bewaakt is. Stel je nu voor dat er een zekere man kwam. Deze verlangt naar wat niet zijn verdienste was, verlangt naar wat niet zijn welzijn was, verlangt naar het verlies van [de huishouder zijn] bewaking, verlangt naar het vermoorde van de huishouder. Deze gedachte zou opkomen bij deze man: "Het zou niet makkelijk zijn om deze man met brute kracht te vermoorden [door zijn bewaking]. Wat als ik binnen zou glippen en hem dan zou vermoorden?"

Zo hij ging naar de huishouder of de huishouderszoon en zei tegen hem: "Moge u mij aannemen als uw dienaar, heer." Zo zou de huishouder of de huishouderszoon de man als dienaar aannemen.

Aangenomen als dienaar zou de man in de ochtend eerder opstaan als zijn meester, later naar bed gaan als zijn meester. Precies doend wat hem wordt opgedragen, handelend om hem te plezieren en beleefd sprekend. Dan zal de huishouder of de huishouderszoon hem zien als een vriend en compagnon en hem vertrouwen. Wanneer de man dit zich zal realiseren als, "deze huishouder of huishouderszoon vertrouwt mij", dan zou hij hem ontmoeten in een eenzame plaats en hem vermoorden met een scherp mes.

Nu wat denk je, mijn vriend Yamaka? Wanneer deze man tegen de huishouder of de huishouderszoon zei: "Moge u mij aannemen als uw dienaar, heer", was deze man dan al niet een moordenaar? Alhoewel hij een moordernaar was, kende de huishouder of de huishouderszoon de man niet als "mijn moordenaar". En wanneer, aangenomen als een dienaar, vroeger opstaand als zijn meester, later slapen gaand als zijn leester, doend wat zijn meester hem opdraagde, handelend om zijn meester te plezieren en altijd beleefd sprekend: was hij dan al niet een moordenaar? Alhoewel hij toch een moordenaar was, kende de huishouder of de huishouderszoon hem niet als "mijn moordenaar". Wanneer de man hem ontmoette in een afgelegen plek en hem vermoordde met een scherp mes: was hij dan al niet een moordenaar. Alhoewel hij toch een moordenaar was, kende de huishouder of de huishouderszoon hem niet als "mijn moordenaar"."
"Ja, mijn vriend."



Er is de situatie waar een niet geïnstrueerde leerling van de Nobelen die geen oog heeft voor de nobelen en niet geletterd en gedisciplineerd is in hun Dhamma; die geen oog heeft voor heiligen, niet geletterd en gedisciplineerd is in hun dhamma - veronderstelt dat vorm de onveranderlijke zelf (atta) is, of de onveranderlijke zelf als in het bezit van vorm, of vorm in de onveranderlijke zelf of de onveranderlijke zelf als in de vorm.

Hij veronderstelt dat de gevoelens de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van gevoelens, of dat gevoelens in de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in gevoel is.

Hij veronderstelt dat de perceptie de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van perceptie, of dat perceptie in de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in perceptie is.

Hij veronderstelt dat de kammische formaties de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van kammische formaties, of dat kammische formaties in de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in kammische formaties is.

Hij veronderstel dat het bewustzijn de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van bewustzijn, of dat bewustzijn in de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in bewustzijn is.


Hij onderscheidt veranderlijke vorm niet zoals het werkelijks is: veranderlijke vorm. Hij onderscheidt veranderlijke gevoelens niet zoals ze werkelijks zijn: veranderlijke gevoelens. Hij onderscheidt veranderlijke perceptie niet zoals het werkelijks is: veranderlijke perceptie. Hij onderscheidt veranderlijke kammische formaties niet zoals ze werkelijks zijn: veranderlijke kammische formaties. Hij onderscheidt veranderlijke bewustzijn niet zoals het werkelijks is: veranderlijke bewustzijn.

Hij onderscheidt leedvolle vorm niet zoals het werkelijks is: leedvolle vorm. Hij onderscheidt leedvolle gevoelens niet zoals ze werkelijks zijn: leedvolle gevoelens. Hij onderscheidt leedvolle perceptie niet zoals het werkelijks is: leedvolle perceptie. Hij onderscheidt leedvolle kammische formaties niet zoals ze werkelijks zijn: leedvolle kammische formaties. Hij onderscheidt leedvolle bewustzijn niet zoals het werkelijks is: leedvolle bewustzijn.

Hij onderscheidt zelfloze vorm niet zoals het werkelijks is: zelfloze vorm. Hij onderscheidt zelfloze gevoelens niet zoals ze werkelijks zijn: zelfloze gevoelens. Hij onderscheidt zelfloze perceptie niet zoals het werkelijks is: zelfloze perceptie. Hij onderscheidt zelfloze kammische formaties niet zoals ze werkelijks zijn: zelfloze kammische formaties. Hij onderscheidt zelfloze bewustzijn niet zoals het werkelijks is: zelfloze bewustzijn.

Hij onderscheidt vormende vorm niet zoals het werkelijks is: vormende vorm. Hij onderscheidt vormende gevoelens niet zoals ze werkelijks zijn: vormende gevoelens. Hij onderscheidt vormende perceptie niet zoals het werkelijks is: vormende perceptie. Hij onderscheidt vormende kammische formaties niet zoals ze werkelijks zijn: vormende kammische formaties. Hij onderscheidt vormende bewustzijn niet zoals het werkelijks is: vormende bewustzijn.

Hij onderscheidt moordachtige vorm niet zoals het werkelijks is: moordachtige vorm. Hij onderscheidt moordachtige gevoelens niet zoals ze werkelijks zijn: moordachtige gevoelens. Hij onderscheidt moordachtige perceptie niet zoals het werkelijks is: moordachtige perceptie. Hij onderscheidt moordachtige kammische formaties niet zoals ze werkelijks zijn: moordachtige kammische formaties. Hij onderscheidt moordachtige bewustzijn niet zoals het werkelijks is: moordachtige bewustzijn.

Hij eigent zich vorm toe, hecht aan vorm en hij ziet het als zichzelf. Hij eigent zich gevoelens toe, hecht aan gevoelens en hij ziet ze als zichzelf. Hij eigent zich perceptie toe, hecht aan perceptie en hij ziet het als zichzelf. Hij eigent zich kammische formaties toe, hecht aan kammische formaties en hij ziet ze als zichzelf. Hij eigent zich bewustzijn toe, hecht aan bewustzijn en hij ziet het als zichzelf. Deze vijf hechtingsgroepen, toegeëigend en gehecht aan, leiden tot lange termijn van verlies en leed.



Er is de situatie waar een goed geïnstrueerde, doorsnee persoon die oog heeft voor de nobelen en goed geletterd en gedisciplineerd is in hun Dhamma; die oog heeft voor heiligen, goed geletterd en gedisciplineerd is in hun dhamma - hij veronderstelt niet dat vorm de onveranderlijke zelf is, of de onveranderlijke zelf als in het bezit van vorm, of vorm in de onveranderlijke zelf of de onveranderlijke zelf als in de vorm.

Hij veronderstelt niet dat de gevoelens de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van gevoelens, of dat gevoelens in de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in gevoel is.

Hij veronderstelt niet dat de perceptie de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van perceptie, of dat perceptie in de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in perceptie is.

Hij veronderstelt niet dat de kammische formaties de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van kammische formaties, of dat kammische formaties in de onveranderlijke zelf zijn, of dat de onveranderlijke zelf in kammische formaties is.

Hij veronderstel niet dat het bewustzijn de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in het bezit is van bewustzijn, of dat bewustzijn in de onveranderlijke zelf is, of dat de onveranderlijke zelf in bewustzijn is.

Hij onderscheidt veranderlijke vorm zoals het werkelijks is: veranderlijke vorm. Hij onderscheidt veranderlijke gevoelens zoals ze werkelijks zijn: veranderlijke gevoelens. Hij onderscheidt veranderlijke perceptie zoals het werkelijks is: veranderlijke perceptie. Hij onderscheidt veranderlijke kammische formaties zoals ze werkelijks zijn: veranderlijke kammische formaties. Hij onderscheidt veranderlijke bewustzijn zoals het werkelijks is: veranderlijke bewustzijn.

Hij onderscheidt leedvolle vorm zoals het werkelijks is: leedvolle vorm. Hij onderscheidt leedvolle gevoelens zoals ze werkelijks zijn: leedvolle gevoelens. Hij onderscheidt leedvolle perceptie zoals het werkelijks is: leedvolle perceptie. Hij onderscheidt leedvolle kammische formaties zoals ze werkelijks zijn: leedvolle kammische formaties. Hij onderscheidt leedvolle bewustzijn zoals het werkelijks is: leedvolle bewustzijn.

Hij onderscheidt zelfloze vorm zoals het werkelijks is: zelfloze vorm. Hij onderscheidt zelfloze gevoelens zoals ze werkelijks zijn: zelfloze gevoelens. Hij onderscheidt zelfloze perceptie zoals het werkelijks is: zelfloze perceptie. Hij onderscheidt zelfloze kammische formaties zoals ze werkelijks zijn: zelfloze kammische formaties. Hij onderscheidt zelfloze bewustzijn zoals het werkelijks is: zelfloze bewustzijn.

Hij onderscheidt vormende vorm zoals het werkelijks is: vormende vorm. Hij onderscheidt vormende gevoelens zoals ze werkelijks zijn: vormende gevoelens. Hij onderscheidt vormende perceptie zoals het werkelijks is: vormende perceptie. Hij onderscheidt vormende kammische formaties zoals ze werkelijks zijn: vormende kammische formaties. Hij onderscheidt vormende bewustzijn zoals het werkelijks is: vormende bewustzijn.

Hij onderscheidt moordachtige vorm zoals het werkelijks is: moordachtige vorm. Hij onderscheidt moordachtige gevoelens zoals ze werkelijks zijn: moordachtige gevoelens. Hij onderscheidt moordachtige perceptie zoals het werkelijks is: moordachtige perceptie. Hij onderscheidt moordachtige kammische formaties zoals ze werkelijks zijn: moordachtige kammische formaties. Hij onderscheidt moordachtige bewustzijn zoals het werkelijks is: moordachtige bewustzijn.

Hij eigent zich vorm niet toe, hecht niet aan vorm en hij ziet het niet als zichzelf. Hij eigent zich gevoelens niet toe, hecht niet aan gevoelens en hij ziet ze niet als zichzelf. Hij eigent zich perceptie niet toe, hecht niet aan perceptie en hij ziet het niet als zichzelf. Hij eigent zich kammische formaties niet toe, hecht niet aan kammische formaties en hij ziet ze niet als zichzelf. Hij eigent zich bewustzijn niet toe, hecht niet aan bewustzijn en hij ziet het niet als zichzelf. Deze vijf hechtingsgroepen, niet toegeëigend en niet gehecht aan, leiden tot lange termijn van vreugde en welzijn.

"Net zo, mijn vriend Sariputta, zijn de mensen zoals jij die hun metgezellen in het heilige leven, onderwijzen, aansporen uit sympathie, verlangend naar hun welzijn. Door deze verklaring van de Dhamma die ik nu door jij heb gehoord is mijn geest vrij van hechten en is bevrijd van de vergiften. "

Voor gebruik van deze tekst kijk op Copyright