Culla Vagga
Het Kleine Hoofdstuk
De Culla Vagga oftewel het kleine hoofdstuk is een boek voor monniken en nonnen waar in verhalende vorm verschillende situaties in het Sangha-leven voorbij komen. Het bestaat uit zo’n 330 bladzijden in de vertaling van de PTS. Vaak is de aanleiding dat enkele monniken kritiek hebben over het gedrag van andere monniken waarna ze naar de Boeddha gaan om het gedrag te beschrijven. De Boeddha berispt dan vaak de monniken die wangedrag vertonen en zet daarna de juiste etiquette uit.
Bijvoorbeeld in hoofdstuk 8 (van de 12) wordt er de situatie geschetst waar enkele monniken het klooster binnen komen gebulderd. Ze houden zich niet aan de klederdracht, trekken hun sandalen niet uit, begroeten de eerwaarden niet, wassen hun voeten in het drinkwater en ze gedragen zich haastig en onrustig. Dit ontstemt de verblijvende monniken die dan hun beklag gaan doen bij de Boeddha. De Boeddha zette daarop uit dat monniken rustig en beschaafd het klooster binnen moeten komen, de sandalen schoonmaken en hun kleding op de juiste manier aan hebben. Ze moeten hun water aangeboden krijgen, ze moeten vragen naar hun verblijfplaats, enzovoort.
In de 12 hoofdstukken worden de volgende onderwerpen behandelt:
1. Formele acties
2. Onder toezicht
3. Accumulatie van overtredingen
4. De Leer
5. Kleinere zaken
6. Verblijven
7. Op schisma
8. Adviezen
9. Uitstellen van de Patimokkha
10. Nonnen
11. De vijf honderd
12. De zeven honderd
De laatste twee hoofdstukken behandelen de eerste twee grote boeddhistische conciliën. Deze komen ook terug in de grote kroniek van Sri Lanka (=Mahavamsa).
Het boek vormt een waar plezier om te lezen omdat het de typisch Boeddhistische stijl kent met vele numerieke opsommingen maar hierin niet is doorgeslagen. Het grootste gedeelte is verhalend opgeschreven en dit leest lekker weg. Het geeft een algemeen beeld van de problemen die de Sangha gekend heeft en de Boeddha die hier op anticipeert als de leider.
Wat voor levende wezens er ook mogen zijn: of zij nu zwak of sterk, groot, stevig of normaal, klein of groot, zichtbaar of onzichtbaar voor het oog, die ver weg of dichtbij zijn, die geboren zijn of nog geboren moeten worden, zonder uitzondering: Moge alle wezens gelukkig zijn! - Metta Sutta